Evaluaties Embryowet

Eerste evaluatie

Uit de eerste evaluatie in 2006 bleek dat de Embryowet goed werkt. Wel kwam naar voren dat de wet onvoldoende is toegesneden op wetenschappelijke ontwikkelingen. Verder bleek dat de wetenschappelijk onderzoekers zich goed aan de wet houden en dat ook de praktijk in de Nederlandse ivf-centra redelijk goed spoort met de doelstellingen van de wet.

Tweede evaluatie

De tweede evaluatie van de Embryowet verscheen in september 2012. De wet wordt goed nageleefd, zo is de conclusie. Er worden echter ook knelpunten genoemd, zoals de belemmering van wetenschappelijk onderzoek door het verbod op het doen ontstaan van embryo’s (artikel 24a). Dat kan Nederland op achterstand plaatsen.

Uit een vergelijkende landenstudie, onderdeel van het evaluatierapport, blijkt dat er geen aanwijzingen zijn dat verschillen in de wetgeving tussen Nederland en andere landen leiden tot het uitwijken van onderzoekers naar het buitenland. Wel stelden gesprekspartners dat de strikte wetgeving in Nederland leidt tot een achterstand bij onderzoek dat zich bijvoorbeeld richt op de verantwoorde introductie van nieuwe reproductieve technieken.