Toetsingsproces klinisch geneesmiddelenonderzoek gaat veranderen

In 2014 heeft de Europese Unie (EU) besloten om de manier waarop klinisch geneesmiddelenonderzoek getoetst wordt te wijzigen. Dit is vastgelegd in EU-verordening 536/2014 en heeft als doel het goedkeuringsproces voor geneesmiddelenonderzoek in de EU te harmoniseren en te versnellen, zodat nieuwe geneesmiddelen sneller op de markt kunnen komen waardoor patiënten er eerder van kunnen profiteren. Om dit te realiseren wordt de beoordeling van geneesmiddelenonderzoek vanaf 2019 een gezamenlijke verantwoordelijkheid van alle EU-lidstaten.

Brochure: De EU-verordening in een notendop

In een brochure van de Dutch Clinical Research Foundation leest u in een notendop wat er gaat veranderen.

Video: Implementatie van de EU-verordening in Nederland

In een video vertelt Cees de Heer van de CCMO over de implementate van de EU-verordening in Nederland.

Q&A-document: Antwoorden op veelgestelde vragen

Een Q&A-document van de Europese Commissie geeft antwoorden op veelgestelde vragen over de EU-verordening voor klinisch geneesmiddelenonderzoek.

Nieuwsoverzicht

Hieronder vindt u een chronologisch overzicht van nieuwsberichten over de EU-verordening voor klinisch geneesmiddelenonderzoek.

 

Overzicht Europese guidancedocumenten voor klinisch geneesmiddelenonderzoek

5 maart 2018

Op de website van de Europese Commissie is een overzichtspagina beschikbaar met alle Europese guidancedocumenten die van toepassing zijn op klinisch geneesmiddelenonderzoek.

Op de overzichtspagina kunnen gebruikers onderscheid maken tussen de groep documenten die op dit moment onder de huidige EU-wetgeving (Directive 2001/20/EC) van toepassing is, en de groep documenten die gelijktijdig van toepassing wordt met EU-verordening 536/2014 voor klinisch geneesmiddelenonderzoek (naar verwachting in 2019).

Vanwege de verordening worden momenteel een aantal guidancedocumenten herzien en geactualiseerd, daarnaast zijn een aantal nieuwe documenten gemaakt vanwege nieuwe aspecten van de verordening.

 

Nog geen duidelijkheid over datum oplevering EU-portaal

16 januari 2018

Tijdens de vergadering van het management board van het Europees Geneesmiddelenagentschap (EMA) afgelopen december is niet gesproken over een mogelijke nieuwe datum waarop het EU-portaal wordt opgeleverd. De EMA heeft laten weten dat er vooruitgang is geboekt in de ontwikkeling van het portaal en dat een nieuwe tijdsplanning met mogelijke opleverdatum bekend wordt gemaakt nadat het portaal in 2018 een formele audit heeft doorlopen. De CCMO zal de betrokken partijen direct informeren zodra er meer bekend is over de oplevering van het EU-portaal en de datum waarop EU-verordening 536/2014 voor klinisch geneesmiddelenonderzoek van toepassing wordt. Meer informatie is beschikbaar op de website van de EMA.

 

Oplevering EU-portaal geneesmiddelenonderzoek uitgesteld naar 2019

16 juni 2017

De oplevering van het Europese webportaal en de Europese database voor klinisch geneesmiddelenonderzoek is uitgesteld van oktober 2018 naar 2019. Dat heeft het Europees Geneesmiddelenagentschap (EMA) besloten. De reden voor het uitstel is dat er vertraging is ontstaan in de ontwikkeling van de software voor het portaal en de database.

Het webportaal en de database worden gebouwd in het kader van de implementatie van EU-verordening 536/2014 voor klinisch geneesmiddelenonderzoek. De uitgestelde oplevering van het webportaal en de database betekent dat de nieuwe Europese wetgeving rondom klinisch geneesmiddelenonderzoek ook uiterlijk in 2019 van toepassing zal worden.

In oktober 2017 bespreekt het EMA management board opnieuw de voortgang in de ontwikkeling van het webportaal en de database. Op basis daarvan zal het EMA management board een nieuw tijdpad bespreken en mogelijk de nieuwe opleverdatum bekend maken.

De CCMO onderzoekt of de vertraging gevolgen heeft voor de lopende activiteiten die de CCMO in gang heeft gezet om Nederland voor te bereiden op de nieuwe Europese wetgeving voor geneesmiddelenonderzoek.

Zie ook het bericht van het EMA (laatste paragraaf).

 

EU-verordening inspectieprocedures klinisch geneesmiddelenonderzoek vastgesteld

21 april 2017

De Europese Commissie heeft een uitvoeringsverordening vastgesteld met regelgeving voor de inspectieprocedures voor klinisch geneesmiddelenonderzoek. De nieuwe inspectieprocedures worden gelijktijdig met de EU-verordening voor klinisch geneesmiddelenonderzoek (536/2014) van toepassing (naar verwachting uiterlijk oktober 2018).

 

Eerste Kamer stemt in met wetsvoorstel wijziging WMO en Geneesmiddelenwet

23 maart 2017

Op 21 maart 2017 heeft de Eerste Kamer ingestemd met het wetsvoorstel voor wijziging van de Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen (WMO) en de Geneesmiddelenwet in verband met EU-verordening 536/2014 voor klinisch geneesmiddelenonderzoek. Eerder – op 23 februari 2017 – werd het wetsvoorstel al door de Tweede Kamer aangenomen. De gewijzigde WMO en Geneesmiddelenwet treden pas in werking wanneer EU-verordening 536/2014 van toepassing wordt (deze laatste zal naar verwachting in oktober 2018 van toepassing worden).

Het huidige toetsingssysteem voor geneesmiddelenonderzoek kent een duale toetsing door enerzijds de toetsingscommissie (erkende METC of CCMO) en anderzijds de bevoegde instantie (CCMO of minster van VWS). Door de verordening verdwijnt deze verdeling. Onder de verordening is Nederland als lidstaat verantwoordelijk voor het besluit over een geneesmiddelenonderzoek. Nederland laat de besluitvorming over aan de CCMO of de erkende METC die bevoegd is om het onderzoek te beoordelen. De bevoegde instantie zal niet langer een rol hebben bij de beoordeling van geneesmiddelenonderzoek. Het wetsvoorstel gaat uit van een decentraal systeem, waarbij toetsing van geneesmiddelenstudies, net zoals nu, grotendeels door de METC’s wordt gedaan. In het voorstel krijgt (het secretariaat van) de CCMO daarin belangrijke nieuwe coördinerende en ondersteunende taken.

 

Nederland breidt deelname VHP uit vanaf januari 2017

22 december 2016

Vanaf januari 2017 zal Nederland in voorbereiding op de komende EU Verordening geneesmiddelenonderzoek 536/2014 de deelname aan de Vrijwillige Harmonisatie Procedure (VHP) verder uitbreiden. Naast de CCMO gaan de volgende twaalf METC’s deelnemen aan de VHP: de acht METC’s van de universitair medische centra in Nederland, de METC van de stichting BEBO, de MEC-U, de METC van het AVL, en de METC Brabant.

De VHP-beoordeling wordt tevens gebruikt in een pilot om als toetsingscommissie ervaring op te doen  met een beoordeling zoals die grotendeels onder de EU Verordening zal plaatsvinden. De deelnemende toetsingscommissies zullen in het kader daarvan tijdens de pilot hun beoordelingen met elkaar bespreken. De ervaringen opgedaan tijdens de pilot zullen worden gebruikt om de nieuwe werkwijze voor het toetsen van geneesmiddelenstudies verder aan te scherpen. 

 

Update Verordening geneesmiddelenonderzoek – nieuwe datum oplevering EU-portaal en EU database

22 december 2015

Het Europees Geneesmiddelen Agentschap (EMA) heeft op haar website het tijdspad voor de oplevering van de EU-portal en EU database gepubliceerd.

De datum waarop de Verordening geneesmiddelenonderzoek (EU nr 536/2014)  van toepassing wordt is verschoven naar uiterlijk oktober 2018.
Dit is een half jaar nadat de Europese Commissie heeft gepubliceerd dat de EU-portal en database adequaat functioneren op basis van de resultaten van een onafhankelijke audit.
De EU-portal en database zelf zullen naar verwachting in juli 2017 gereed zijn voor de start van de audit en de implementatie van non auditable should  vereisten en interface voor nationale systemen.

Zie voor meer informatie de website van de EMA.

 

Update Verordening geneesmiddelenonderzoek – verwachte datum van toepassing en openbaarmaking gegevens

13 oktober 2015

Het Europees Geneesmiddelen Agentschap (EMA) heeft op haar website de verwachte datum gepubliceerd waarop de Verordening geneesmiddelenonderzoek (EU nr 536/2014)  van toepassing is. Het wordt december 2017. Dit is een half jaar nadat de Europese Commissie heeft gepubliceerd dat de EU-portal en database adequaat functioneren op basis van de resultaten van een onafhankelijke audit. De EU-portal en database zelf zullen naar verwachting in het derde kwartaal 2016 gereed zijn voor de start van de audit.

Tevens heeft de EMA de openbaarmakingsregels gepubliceerd op basis waarvan bepaalde informatie en documenten uit de EU-database openbaar worden gemaakt voor het publiek, het zgn transparency document. Standaard wordt alle informatie uit de EU-database openbaar gemaakt, tenzij het commercieel vertrouwelijke informatie of persoonsgegevens betreft. Indien hiervan sprake is, kan de opdrachtgever om uitstel van publicatie in het openbare register vragen. Dit uitstel wordt toegekend als het voldoet aan de regels zoals beschreven in het transparency document. Hiertoe zijn drie categorieën onderzoek geclassificeerd: categorie 1: fase 0/1 geneesmiddelenonderzoek en gelijksoortige studies; categorie 2: fase 2/3 geneesmiddelenonderzoek en categorie 3: fase 4 geneesmiddelenonderzoek en low-intervention trials. Wanneer een studie wordt ingediend via de EU-portal dient aangegeven te worden in welke categorie het onderzoek valt.

Zie voor meer informatie de website van de EMA.

 

Europese verordening gepubliceerd

27 mei 2014

Op dinsdag 27 mei 2014 heeft de Europese Unie de verordening betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik gepubliceerd. Op 2 april 2014 nam het Europees Parlement de verordening al aan. De effectuering ervan zal in principe medio 2016 plaatsvinden. Een werkgroep onder regie van het ministerie van VWS onderzoekt welke aanpassingen er nodig zijn in het Nederlandse toetsingssysteem.

De tekst van de Europese verordening (European regulation on clinical trials on medicinal products for human use, Engels) is op 27 mei 2014 gepubliceerd. Er is ook een Nederlandse vertaling van de verordening (Europese verordening betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik) beschikbaar.

De Europese verordening is ontworpen om het goedkeuringsproces voor geneesmiddelenonderzoek in de Europese Unie te harmoniseren en vereenvoudigen en zal de bestaande richtlijn 2001/20 EC vervangen. Doel is het stimuleren van grensoverschrijdend geneesmiddelenonderzoek. De bescherming van de proefpersoon en de integriteit van de gegevens staan centraal. De tekst bevat specifieke bepalingen voor low-intervention onderzoek, verheldert de rol van ethische commissies in het beoordelingsproces en geeft duidelijker aan hoe toestemming van proefpersonen dient te worden verkregen. Lidstaten dienen binnen strikte beoordelingstermijnen tot een besluit over geneesmiddelenstudies te komen.

Reden voor de verordening is dat de verwachte harmonisatie tussen Europese lidstaten na de inwerkingtreding van de richtlijn Goede Klinische Praktijken (2001/20/EC) uitbleef. De administratieve lasten, de kosten en de tijd tussen de aanvraag en de start van een onderzoek namen toe, terwijl het aantal geneesmiddelenstudies in Europa daalde. De verordening is van toepassing op al het klinisch geneesmiddelenonderzoek dat binnen de Europese Unie wordt uitgevoerd. Daarbij is geen onderscheid gemaakt tussen multinationaal en nationaal onderzoek.

De verordening is rechtstreeks van toepassing in elke lidstaat van de Europese Unie. Omzetting in nationale wetgeving is dus niet nodig. Voorwaarde voor inwerkingtreding is wel dat ruim van tevoren een goed functionerende Europese portal en database zijn ontwikkeld. Deze spelen namelijk een centrale rol bij de samenwerking en communicatie tussen de lidstaten en het indienen van onderzoeksdossiers.

Zie ook het CCMO-nieuwsbericht van 3 april 2014 en het persbericht van het Europees Parlement.

Twee delen

In de verordening is een scheiding aangebracht tussen een deel-1-beoordeling (de medisch-wetenschappelijke en productbeoordeling) en een deel-2-beoordeling. Dit tweede deel heeft betrekking op nationale zaken, zoals de informatiebrief voor proefpersonen, de toestemmingsprocedure en privacyaspecten. Ook de verzekering, vergoedingen aan proefpersonen en onderzoekers, de geschiktheid van onderzoekers en faciliteiten en eisen voor het gebruik van lichaamsmateriaal vallen onder deel 2. Ook moet er een oordeel van een ethische commissie zijn dat zowel betrekking kan hebben op aspecten uit de deel-1- als de deel-2-beoordeling.

Bij multinationaal  geneesmiddelenonderzoek voeren de lidstaten waarin het onderzoek zal plaatsvinden, gezamenlijk de deel-1-beoordeling uit. Per studievoorstel is telkens één lidstaat rapporterend lidstaat: dit land stelt het beoordelingsrapport over deel 1 op. Dit gebeurt in afstemming met de andere landen die aan de studie deelnemen. De deel-2-beoordeling verzorgt iedere lidstaat afzonderlijk. Het resultaat van de beoordelingen van deel 1 en 2 is het besluit dat iedere lidstaat afzonderlijk afgeeft via de centrale Europese portal, mits er geen negatief oordeel is van een ethische commissie.

Termijnen

De termijn waarbinnen deze beoordeling moet plaatsvinden, is voor de meeste geneesmiddelenstudies vastgesteld op 45 dagen, met de mogelijkheid deze met 31 dagen te verlengen. Niet voldoen aan deze termijnen kan leiden tot stilzwijgende goedkeuring. Nieuw is dat er ook voor de beantwoording van vragen termijnen zijn vastgelegd. Mist de opdrachtgever de deadline hiervoor, dan wordt het onderzoeksdossier als ingetrokken beschouwd.

Voor het berekenen van de totale beoordelingstermijn moet rekening worden gehouden met de termijn voor het validatieproces (maximaal 25 dagen) en het informeren van de opdrachtgever over het samengestelde besluit van de deel-1- en deel-2-beoordeling (maximaal 5 dagen).

Openbaarmaking onderzoeksgegevens en -resultaten

Een ander belangrijk punt in de verordening betreft de voorwaarden waaronder onderzoek met kwetsbare groepen, zoals minderjarigen,  wilsonbekwame volwassenen, zwangeren en vrouwen die borstvoeding geven, is toegestaan. Daarnaast verplicht de verordening onderzoekers om onderzoeksgegevens en de samenvatting met onderzoeksresultaten publiek toegankelijk te maken. Ook verplicht de verordening registratiehouders om het volledige klinische studierapport openbaar te maken zodra een beslissing over marktautorisatie is genomen of het verzoek tot marktautorisatie wordt teruggetrokken. Opdrachtgevers die niet voldoen aan deze regels, kunnen een boete verwachten.

Aanpassingen Nederlands toetsingssysteem

Vraag is nu welke aanpassingen in het Nederlandse toetsingssysteem nodig zijn om de beoordeling van geneesmiddelenonderzoek volgens de Europese verordening uit te voeren. Het ministerie van VWS heeft februari 2014 een werkgroep geformeerd om dit te onderzoeken. Hierin zijn de Nederlandse Vereniging van METC’s (NVMETC), de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ), het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG), de CCMO en het ministerie van VWS vertegenwoordigd. Uitgangspunt is dat de geïntegreerde beoordeling van wetenschap en ethiek wordt gehandhaafd. Het opstellen van een beoordelingsrapport en de beoordeling in samenwerking met andere lidstaten binnen de vastgestelde termijnen vraagt om een efficiënt systeem met goed uitgeruste commissies die frequent bijeenkomen. De werkgroep gaat na op welke wijze dit het best en op een kosteneffectieve wijze is te realiseren.

 

Overeenstemming voorstel Europese verordening

30 december 2013

In het Commitee van Permanente Vertegenwoordigers I (COREPER I), dat de belangen van de Europese lidstaten in Brussel vertegenwoordigt, is op 20 december 2013 overeenstemming bereikt over het voorstel tot een Europese verordening betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik (met intrekking van Directive 2001/20/EC).

Een belangrijke wijziging betreft de openbaarmaking van onderzoeksresultaten. Van ieder goedgekeurd onderzoek komt na beëindiging van de betreffende studie een gedetailleerde samenvatting met de resultaten ervan in het openbare EU-register. Na registratie van het geneesmiddel of na intrekking van de registratieaanvraag dient het volledige Clinical Study Report openbaar te worden gemaakt. Niet voldoen aan deze regels kan leiden tot een boete.

 

Rapport Glenis Wilmott

29 mei 2013

De Commissie Milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid van het Europees Parlement heeft op woensdag 29 mei 2013 een rapport van Glenis Willmott aangenomen met voorstellen voor wijziging van de voorgestelde verordening betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik. Het rapport bevat amendementen die gaan over een Europese database met studiegegevens, de regeling van vergoeding voor schade, de rol van ethische commissies en het verkrijgen van informed consent van proefpersonen. Het stuk is opgesteld door rapporteur Glenis Willmott (Verenigd Koninkrijk).

In het kader van de gewone wetgevingsprocedure in het Europees Parlement zijn de voorgestelde amendementen van de Commissie Milieubeheer, volksgezondheid en voedselveiligheid besproken met de Raad.

  • Brochure CTR
  • Tekst Europese verordening betreffende klinische proeven met geneesmiddelen voor menselijk gebruik dd 16-4-1014 nr 536
  • Text European Regulation on clinical trials on medicinal products for human use, 16 April 2014, No 536