De Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO) is in het leven geroepen op basis van artikel 14 van de Wet medisch-wetenschappelijk onderzoek met mensen (WMO). De CCMO is geïnstalleerd op 6 april 1999 en zetelt in Den Haag.

De CCMO geeft uitvoering aan de WMO en de Embryowet. Onderzoek dat onder de WMO of de Embryowet valt, moet worden beoordeeld door een onafhankelijke commissie van deskundigen. Zonder een positief oordeel van deze commissie mag het onderzoek niet starten.

Missie

De CCMO waarborgt de bescherming van proefpersonen betrokken bij medisch-wetenschappelijk onderzoek, middels toetsing aan de daarvoor gestelde wettelijke bepalingen en met inachtneming van het belang van de voortgang van de medische wetenschap.

Organisatie

De CCMO bestaat uit leden en hun plaatsvervangers die de verschillende disciplines vertegenwoordigen zoals vastgelegd in de WMO. Het secretariaat van de CCMO ondersteunt de commissie in haar wettelijke taken en wordt aangestuurd door de algemeen secretaris/directeur. Het secretariaat bestaat uit drie teams: het Bureau CCMO, het Landelijk Bureau en het team Bedrijfsvoering. Het Landelijk Bureau ondersteunt de commissie en 12 erkende medisch-ethische toetsingscommissies (METC’s) in de beoordeling van geneesmiddelenstudies, het Bureau CCMO ondersteunt de commissie in haar overige wettelijke taken.

Reglement en mandaatbesluiten

De inrichting en de werkwijze van de CCMO zijn neergelegd in haar reglement. Dat reglement, inclusief klachtenregeling, is goedgekeurd door de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Ten aanzien van haar werkwijze geldt dat de CCMO een aantal (aspecten van haar) bevoegdheden heeft gemandateerd aan haar voorzitter en/of (algemeen) secretaris. Het betreft de volgende mandaatbesluiten: