Jan Willem Leer new chair CCMO

As of November 1st 2014 prof JWH (Jan Willem) Leer will be the new Chair of the Central Committee on Research Involving Human Subjects (CCMO). On September the 12th he is officially  assigned by minister Edith Schippers (VWS). Leer succeeds prof GH (Gerard) Koëter, who was chair of the CCMO from 2008 untill October 2014.

 (Only in Dutch) Op 6 juni dit jaar nam Jan Willem Leer afscheid als hoogleraar radiotherapie aan het Radboudumc/de Radboud Universiteit Nijmegen. ‘Ik vind het erg fijn dat ik mijn kennis en vaardigheden ook na mijn pensionering kan inzetten. Het voorzitterschap van de CCMO zie ik als een eervolle positie’, aldus Leer. ‘Mede door de komst van de Europese verordening zijn er voor het medisch-wetenschappelijk onderzoek, de erkende METC’s en de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek momenteel belangrijke ontwikkelingen gaande. Daarnaast is het bijvoorbeeld door de opkomst van personalized medicine niet meer zo gemakkelijk om grote homogene groepen proefpersonen bijeen te brengen voor fase-III-onderzoek. Het is de vraag hoe je dan omgaat met evidence-based medicine’, merkt hij op. ‘Dat vereist nieuw denkwerk. Stuk voor stuk heel interessante domeinen waar ik me graag met de commissie en het bureau aan zal wijden.’

Zijn loopbaan begon Jan Willem Leer aan de Universiteit Leiden, waar hij in 1974 cum laude zijn studie geneeskunde afrondde. In 1982 promoveerde hij in Leiden op een proefschrift getiteld Transversale tomografie en radiotherapie. In 1986 werd hij hoogleraar Klinische oncologie aan de Universiteit Leiden. Sinds 1998 werkte Leer als hoofd van de afdeling Radiotherapie van het Radboudumc in Nijmegen.

Leer heeft veel medisch-wetenschappelijke studies naar de behandeling van kanker (mede) geïnitieerd. Voor zijn onderzoek ontving hij internationale prijzen en erelidmaatschappen waaronder de European Society for Radiotherapy & Oncology (ESTRO) life time achievement award en de van der Schueren Award. Jan Willem Leer is Officier in de Orde van Oranje Nassau.

Zie ook het bericht in de Staatscourant van vrijdag 12 september 2014